| |
|
'Dit jaar'
|
|
Dit
jaar kom ik nog al eens weer in Kortenhoef en sta dan op 't kerkhofje,
opzij van de kerk en kijk over 't land naar den rand van het Gooi en
den toren van Hilversum. Een laatste klaproosje ging verleden week heen
en weer op een zuchtje wind. In 't kromme pereboompje kregen de peertjes
al wat kleur. Het is dan weer het begin van de eeuw. het leven heeft
mij, Goddank, bijna niets geleerd. 'Het leven heeft me veel geleerd',
zegt de oue sok.
Nescio
- Dit jaar, Nijgh & Van Ditmar, Amsterdam. VW, p. 215.
|
| Piet
Wesselman tevergeefs op zoek naar Hilversum. |
| |
| |
|
Waar
we ook heel sterk in waren, dat waren, na kantoor, tochten naar de
Ringdijk. Daar zaten we in 't gras tusschen de boterbloemetjes beneden
aan de dijk en dan kwamen de nieuwsgierige koeien met hun groote ogen
en keken naar ons en wij keken naar de koeien. En dan kon je ervan
opaan, dat Bavink over Lien begon. Op de een of andere manier moesten
die koeienoogen daar iets mee uit te staan gehad hebben. En dan begon
't te schemeren, de kikkers gingen kwaken, één ging er vreeselijk
te keer, vlak bij mijn schoen, m'n eene voet lag bijna in de sloot.
Een koe, die je nauwelijks meer kon zien in de halve duisternis, hoorde
je 't gras afschuren. In de verte begon er een klagelijk te loeien.
Een paard holde heen en weer, je hoorde 't maar zag 't niet. De koe
bij ons blies en werd onrustig. Bekker zei: ' 't Is hier goeie. Zoo
moest 't maar blijven.'
Uit:
Nescio - Titaantjes, Nijgh & Van Ditmar, Amsterdam. VW, p. 45.
|
| Foto
weliswaar niet aan de Ringdijk genomen, maar in Kortenhoef. Maar dat
doet er eigenlijk toch niet toe. |
| |
| |
|
Aan
de linkerzijde van het plein, op nummer 17, is gevestigd grand-café
De Kroon. Aan het eind van 'Dichtertje' krijgt Eduard , het dichtertje,
eindelijk zijn geliefde. Dora komt bij hem langs en vervolgens 'vielen
ze samen peilloos door 't licht'. De God van hemel en aarde
en de Duivel hadden hier op gewacht: 'De Duivel zat in "de
Kroon", in't midden, bij een pilaar. Hij legde z'n dunne gouden
horloge voor zich op 't tafeltje. De twee knobbels op z'n voorhoofd
waren grooter dan ooit. "Kwart over achten. Consummatum est.
" ' [VW I, 114-114]
Nescio kreeg 'Dichtertje'
voor zijn doen snel op papier - hij schreef het in juni en juli 1917.
Maar evenals bij 'De uitvreter' en 'Titaantjes' zijn van dit verhaal
enkele delen in afwijkende versies overgeleverd. In de eerste versie
van 'Dichtertje' zit de Duivel al in het begin van het verhaal in
De Kroon, maar echt op zijn gemak voelt hij zich niet
in het etablissement. 'De duivel zat met ons lieven Heer bij 't open
raam in "de Kroon" en gaapte achter z'n hand. Een gouden
potlood draaide hij voortdurend om tusschen wijsvinger en duim. Hij
zat liever in "Seize".' [VW I, 539] Taverne Louis
XVI was vlak bij De Kroon gevestigd, op de hoek van het Rembrandtplein
en de Reguliersbreestraat.
Uit:
Maurits Verhoeff - Is u Amsterdammer? Ja, Goddank. Een literaire wandeling
door het Amsterdam van Nescio, Bas Lubberhuizen.
|
Volgende pagina..
Afdrukbare layout
Laat me een boodschap achter
Laatste wijziging aan deze pagina:
17 november 2006
|
|